Weegprocedure


Met het BOS-kompas kunt u onder meer bepalen hoe hoog het percentage kinderen in uw gemeente is met overgewicht of obesitas, wat het sportdeelnamecijfer is en wat het percentage isdat voldoet aan de normen voor ‘Gezond Bewegen’ of ‘Gezonde Voeding’. Dit kan vervolgens worden vergeleken met de gegevens van een andere gemeenten. Echter, als de respons binnen een gemeente niet representatief is voor de hele populatie, doordat personen met bepaalde kenmerken sterk over- of juist ondervertegenwoordigd zijn, is beide niet goed mogelijk.
 
Achteraf herwegen
Daarom bevelen wij aan de respons achteraf te herwegen op geslacht, leeftijd en etniciteit. Dit geldt des te sterker wanneer uit analyse van de respons blijkt dat deze niet representatief is. Indien er gegevens over beschikbaar zijn, wordt tevens aanbevolen te herwegen op opleidingsniveau (jongeren) en gezinssituatie, factoren waarvan bekend is dat zij deze gedragingen beïnvloeden.
 
Hoe te wegen?
Een belangrijk uitgangspunt bij wegen is dat de respondenten uit de ondervertegenwoordigde groep(en) wel representatief zijn voor hun groep. Wegen kan namelijk een sterke vertekening geven als deze veronderstelling niet opgaat. Een vuistregel om in het algemeen een te sterke vertekening te voorkomen, is dat een weegfactor niet kleiner mag zijn dan 0,25 en niet groter dan 4, zodat iedere respondent hooguit vier keer meetelt.
 
Verslaglegging
In ieder geval is het van groot belang dat er in de verslaglegging van het onderzoek een goede verantwoording wordt gegeven van de getrokken steekproef, de respons en de representativiteit hiervan. Wanneer er is gewogen, dient bovendien ook verslag te worden gedaan van de toegepaste weegprocedure.