Monitoring en evaluatie
Met ‘monitoring’ meet u afwijkingen ten opzichte van eerdere situaties. Of u brengt juist veranderingen in kaart ten opzichte van de gewenste situatie. Het BOS-Kompas levert u informatie die laat zien of uw BOS-activiteiten bijdragen aan uw projectdoelstellingen. Zo weet u of u het project moet bijsturen.
Hoe monitoren?
Het BOS-kompas is ontwikkeld voor het volgen van de doelgroep. Bij de situatie-analyse heeft u een beginsituatie in kaart gebracht, de nul-meting. Vervolgens formuleert u doelstellingen om achterstanden weg te werken. Het is belangrijk om vast te stellen of de beoogde effecten daadwerkelijk zijn gerealiseerd.
Effectmetingen hebben betrekking op het meten van de outcome, de maatschappelijke effecten of uitkomsten die met beleidsdoelstellingen worden nagestreefd. Het gaat om gedragsveranderingen bij de doelgroep zodanig dat de bestaande achterstandssituatie van jeugdigen op het terrein van gezondheid, welzijn, onderwijs, opvoeding, sport of bewegen, of overlast wordt verminderd.
BOS-Kompas
Om te monitoren zult u het BOS-kompas meerdere malen moeten gebruiken. Normaal gesproken is eens in de twee jaar voldoende. Voor een BOS-impulsproject van 4 jaar kunt u het dus aan het begin gebruiken, tussentijds en achteraf.
Monitoring in stappen
Monitoren is niet moeilijk, maar moet wel zorgvuldig gebeuren:
- Kies een beperkt aantal indicatoren die iets kunnen zeggen over de achterstanden die u met uw BOS-project wilt aanpakken.
- Meet de waarde van die indicatoren voor het betrokken gebied voor dat u uw project opstart: nul-meting.
- Spreek een evaluatiecriterium af, bijvoorbeeld: minder dan 2% verschil is onveranderd, 2-5% is lichte verbetering/verslechtering en >5% is forse verbetering/verslechtering.
- Herhaal dezelfde meting in de loop van uw BOS-project.
- Herhaal dezelfde meting aan het einde van uw BOS-project.
- Vergelijk de meetresultaten en gebruik alleen de gekozen indicatoren bij de rapportage.
Let op! Het is belangrijk dat u het moment van meten zorgvuldig uitkiest. Het is niet verstandig enquêtes af te nemen in een week met of direct na een vakantie. De week zelf en de week ervoor moeten ‘normale’ weken zijn. Zie ook: Tips voor onderzoek

